Reviews; een Hombre wikt

De Zwarte Zwaan

“Black Swan” (2010), regie: Darren Aronofsky; met o.m. Natalie Portman, Mila Kunis, Vincent Cassel, Winona Ryder, Barbara Hershey.
Een balletdanseres in New York streeft perfectie en de hoofdrol in een uitvoering van het Zwanenmeer na…

201101181242

De lente is blijkbaar gearriveerd – althans in de plaatselijke cinema. Een snelle blik op de affiche in pakweg Santana Row – mijn lokale bioscoop – levert onder meer op: “True Grit” van de Coen brothers, “The King’s Speech”, “Blue Valentine” en deze “Black Swan”, allen min of meer veelbesproken en bejubeld. En, het betreft hier geeneens sequels, prequels, remakes (ok, ik hoor u afkomen dat “True Grit” er eentje zou zijn maar dat zal ik aanvechten) of ander bloedarmoedig blockbuster-fodder. Sterker nog, deze prenten genieten blijkbaar een zekere mate van financieel succes – zou er toch nog hoop voor de filmende mensheid zijn?

Nu, “Black Swan” kon eigenlijk niet echt fout gaan met Darren Aronofsky (regisseur) en Natalie Portman (hoofdrol) erin. Maar voor de niet-fanboys zal ik gaarne uiteenzetten waarom dit een grootse film is, een must-see en waarschijnlijk en tot nader order de beste Aronofsky.

Alle films van Aronofsky worden bevolkt door obsessieve, bezeten personages, die zonder enige vorm van ironie worden geportretteerd, in doorgaans indringende en bijna ondraaglijke intensiteit; het soort intensiteit dat straalt uit de blik van Bart De Wever wanneer die na een halve nacht vruchteloos onderhandelen met een stel onwrikbare Waalse politici de voorgevel van zijn favoriete frituur ziet opdoemen. Denken we maar aan de wanhopige junkies in ‘Requiem for a dream’, de doorwrochte Hugh Jackman rol(len) in ‘The Fountain’, de maniakale wiskundige in ‘Pi’ en de verlopen maar bezeten worstelaar in, wat dacht u, ‘The Wrestler’. En nu is het dus de beurt aan deze ranke Zwanenkoningin, op bijzonder fijne wijze vertolkt door Natalie Portman, die haar beminnelijke girl-next-door imago nu wel voltijds mag afschudden.

Het gepast vertolken van dit soort rollen vergt een moeilijke en subtiele evenwichtsoefening: een teveel aan serieux, en de personages hellen over naar het groteske of de karikatuur; een tekort en ze missen het beoogde dramatische effect. Portman doet haar Nina bijna ‘parfait’ en staat dan ook niet zonder reden in pole-position voor de Oscar – naar verluidt heeft ze ook een half jaar intensief ballet-training gevolgd, een hoop gewicht verloren en de meeste dansscenes zelf uitgevoerd. Qua ‘method’ kan dat tellen.

Black Swan is tegelijk een hoogst origineel werk (het ballet-horror subgenre lancerend?) als een opeenstapeling van literaire stereo- en archetypes: het doppelgänger archetype en de bijhorende dualiteit (wit-zwart, licht-donker, frigide-sensueel, zelf-liefde en -haat) het overbezorgde en dominante moederpersonage, de obsessieve perfectionist, de grens tussen genie en waanzin, de van seksueel innuendo overlopende verhouding tussen mentor en student(e). Daarnaast zitten er (bewust of niet) een multitude aan invloeden uit de filmgeschiedenis in verwerkt: het oeuvre van David Cronenberg en diens bizarre en groteske lichamelijkheid, de verwarde en geobsedeerde personages uit Roman Polanski’s vroeger werk (denken we aan Catherine Deneuve in Repulsion), de onvermijdelijke Alfred Hitchcock, tot de paranoide schizofrenie van het Di Caprio personage in Scorsese’s Shutter Island.

Ik ga de synopsis hier niet intypen, maar daarentegen wel de woorden van het personage van Vincent Cassel (de manipulatieve choreograaf): “This story has been done to death, but not quite like this.” Aronofsky heeft voorzeker risico’s genomen: het had een verwarde hutsepot kunnen worden die geheel richting het belachelijke ging overhellen, maar net als de voorstelling van het Zwanenmeer op het eind van de film is het integendeel een fantastische performance geworden – en bovenal: onderhoudend (er is namelijk niks zo erg als een saaie goede film); getelefoneerde plotwendingen en dwaalsporen wisselen elkaar af, waardoor de aanwezigheid van voorspelbaarheid onvoorspelbaar wordt. Veel sequenties en truken die de regisseur uit zijn mouw schudt hebben een hoog deja-vu gehalte: noem het intertekstuele homage wat mij betreft maar val er mij verder niet mee lastig, want storen doet het niet; zelfs de korrelige film en het rondgezwaai met de handheld camera kunnen dat amper.

Een finaal compliment is op zijn plaats voor de score: een geslaagde huwelijk van bizarre Tchaikovsky-interpretaties en Chemical Brothers beats, met daartussen een mix aan geluidseffecten die de Cronenbergeske horrorscenes effectief in de (doorgaans bloedrode) verf zetten.

Als u een belangrijke boodschap in het verhaal zoekt kan u beter richting Carrefour trekken, maar de film roept een aantal interessante vragen op. Zoals: wat zou ú zoal over hebben voor het bereiken van de perfectie?

P.S. Merk op dat dit waarschijnlijk de enige recensie van Black Swan is die – tot nu althans – de stomende seksscene met Natalie Portman en Mila Kunis niét oprakelt!


Creative Commons License
This work is licensed under a Creative Commons Attribution-NonCommercial-ShareAlike 2.5 License.
Overname van foto's en teksten toegestaan mits bronvermelding.